Uitleg
In de duidt f6 de f-lijn en de zesde rij aan. In de zetvolgorde van deze catalogus ontstaat de Leeuwvariant wanneer Zwart eerst het g8-paard op f6 plaatst en daarna het b8-paard op d7. De pionnen op d6 en e5 vormen een compact centrum: ze ondersteunen elkaar en beperken enkele witte invalsmogelijkheden, al krijgt Wit meer ruimte, dus meer terrein en vrijheid voor de stukken.
Zwart vervolgt vaak door de loper te ontwikkelen, rokade voor te bereiden, de bijzondere zet waarbij koning en toren worden verplaatst, en een piondoorbraak met de c- of d-pion te ondersteunen. Een piondoorbraak is een opmars die de pionnenstructuur moet veranderen en lijnen openen. Het doel is niet opgesloten te blijven, maar de voorbereiding te voltooien voordat Wits centrum wordt aangevallen.
Wit kan de stukken comfortabel ontwikkelen en kiezen of het centrum vroeg wordt geopend of de spanning blijft bestaan terwijl spel bij de zwarte koning wordt voorbereid. Zwart heeft geduld nodig, maar ook Wit moet opletten. Als Wit te veel pionnen opschuift zonder alle stukken in het spel te brengen, kan een centrale doorbraak Zwarts activiteit herstellen.
Gebruik en context
De naamgeving is niet uniform. Sommige databases bereiken een Leeuwstelling via een Hanhamzetvolgorde, waarbij het b8-paard op d7 staat voordat het andere paard naar f6 gaat.
Veelvoorkomende verwarringen
Leeuw en Hanham
De structuren kunnen transponeren, dus via verschillende zetvolgorden dezelfde stelling bereiken. De precieze naam hangt vaak af van welk paard het eerst bewoog.
Term bekijken