Uitleg
De regel van Tarrasch zegt dat torens gewoonlijk het best achter vrijpionnen staan. Een vrijpion heeft geen vijandelijke pion vóór zich op dezelfde of een aangrenzende lijn die hem tijdens zijn opmars kan blokkeren of slaan. De richtlijn geldt zowel voor je eigen vrijpion als voor die van de tegenstander.
Achter een eigen pion ondersteunt de toren hem en krijgt hij meer bereik naarmate de pion oprukt. Achter een vijandelijke pion valt de toren hem aan en behoudt hij meer ruimte terwijl de pion de promotie nadert. Een toren vóór zijn eigen pion verliest daarentegen vaak bewegingsvrijheid, omdat de oprukkende pion hem naar de rand duwt.
Een richtlijn, geen wet
Activiteit kan belangrijker zijn dan de ideale plaatsing. Als de toren al verhindert dat de vijandelijke koning een rij of lijn oversteekt, als zijwaartse schaakjes nodig zijn of als de toren andere pionnen kan ophalen, kan het juist zijn de positie achter de pion te verlaten. Torenpionnen scheppen eveneens uitzonderingen: in de wordt van opzij verdedigd, en sommige stellingen vereisen frontale verdediging.
Gebruik de regel als eerste vraag: kan de toren achter de pion komen zonder tijd te verliezen of een tactiek toe te laten? Bereken daarna de concrete stelling. Modellen zoals en tonen dat de plaats van de koningen en de schaakafstand zwaarder kunnen wegen dan een algemene formule.
Veelvoorkomende verwarringen
De toren moet altijd naar achteren
Het is een praktische regel met veel uitzonderingen. Onmiddellijke activiteit en de exacte geometrie kunnen belangrijker zijn.
De regel geldt alleen voor eigen pionnen
Tarrasch formuleerde beide toepassingen: steun je eigen vrijpion van achteren en rem de vijandelijke vrijpion van achteren af.
Bronnen
- 1.Tarrasch rule, Wikipedia
- 2.Rook Endgame: The Principles, Chess.com
