Uitleg
De combineert een letter en een cijfer. c3 is de c-lijn en de derde rij. De Ponziani wordt gekenmerkt door Wits opmars van de c-pion naar c3. Die pion bereidt een centrum met d4 voor, maar bezet ook c3, het veld dat normaal door het b1-paard wordt gebruikt. De Jaenischtegenaanval antwoordt door het zwarte paard naar f6 te brengen en Wits pion op e4 meteen aan te vallen.
Wit vervolgt vaak met d4 en houdt vast aan het centrale plan in plaats van e4 passief te verdedigen. Centrale slagzetten kunnen daarna lijnen en diagonalen voor de stukken openen. Zwart probeert aan te tonen dat Wits voorbereiding langzaam was, terwijl Wit wil bewijzen dat het brede centrum de tijdelijke beperking van het b1-paard compenseert.
Het woord tegenaanval beschrijft de logica goed: Zwart wacht niet tot Wit het centrum heeft opgebouwd, maar valt de basis meteen aan. Een centrumpion slaan zonder de antwoorden te controleren kan echter lijnen tegen Zwarts eigen koning openen. De variant werkt door druk op e4 te combineren met ontwikkeling en niet door koste wat kost een pion op te jagen.
Veelvoorkomende verwarringen
Twee Jaenischvarianten
Deze Jaenischtegenaanval hoort bij de Ponziani en begint met Zwarts paard op f6. De naam Jaenisch komt ook voor in een verdediging van het Spaans met een opmars van de f-pion. Dat zijn verschillende openingen.
