Uitleg
In de schaakgeschiedenis is de alfil een stuk uit shatranj, een oude vorm van het spel die zich in Perzië en de islamitische wereld ontwikkelde. Het stelde een olifant voor en bewoog precies twee velden diagonaal. Het kon over het tussenliggende veld springen, ook wanneer daar een ander stuk stond.
De historische alfil kon niet op een aangrenzend diagonaal veld stoppen en evenmin over een volledige diagonaal reizen. Iedere sprong hield het stuk op velden van dezelfde kleur en gaf het slechts toegang tot een beperkt deel van het bord. Het was daardoor veel minder mobiel dan de moderne loper.
Dit verschil is essentieel bij het lezen van oude stellingen. Wie het stuk als een moderne loper behandelt, creëert aanvallen en verdedigingen die volgens de historische regels niet bestonden en kan de bedoelde oplossing onmogelijk maken.
Veelvoorkomende verwarringen
Historische alfil en moderne loper
Het historische stuk springt precies twee diagonale velden; de moderne loper schuift iedere onbelemmerde afstand diagonaal.
Bronnen
- 1.Pieces and Placement, World Chess Hall of Fame
- 2.Ancient chess problems to solve, ChessBase
- 3.The Oxford Companion to Chess, Oxford University Press
